Zielenknijper.nl

Een kritische kijk op de praktijk van de psychiatrie!
Schade door psychiatrische medicijnen?
Gratis juridische hulp: 0800-4445005
 
 
Stand.nl NCRV

“Psychiatrie is een malversatie en moet beëindigd worden“

Update: De psychiatrie houdt zich al 7 jaar stil

Journaliste Yaël Vinckx: geen Ritalin experiment met mijn kind

Datum: 23 februari 2014, 20:31 ~ Bron: NRC

yael vinckxHulpverleners willen met een extreem dromerig kind dat niet meekomt alleen aan de slag als het ritalin gaat slikken. Er moeten alternatieven zijn, want niemand weet iets te vertellen over de lange termijn effecten op de hersenen, vindt Yaël Vinckx.

In de week dat , René Gude en cs hun ‘ritalinexperiment’ hielden, begon mijn vriend M. ook aan zijn ritalinexperiment. Dat was overigens louter toeval. En ook de overeenkomsten waren, op de woorden ‘ritalin’ en ‘experiment’ na, gering.

Waar Boomsma en zijn vrienden hun plan in een middag hadden bedacht, had M. de afgelopen drie jaar tegen dit moment aan gehikt. Misschien kon je zelfs zeggen dat de eerste 47 jaar van zijn leven naar dit moment hadden geleid.

Je kon dus van alles op zijn besluit aanmerken, maar niet dat hij het lichtvaardig had genomen.

De gevolgen waren niet mis. Om 09.00 uur nam hij een eerste pil. Hij had toen al hoofdpijn, en die werd prompt erger. Om 14.00 uur nam hij een tweede pil. Een uur later wankelde hij door de gang, als een dronken matroos op volle zee. ‘Straalmisselijk’ zeeg hij op de bank neer. Om 18.00 uur trok hij bij. Maar de derde pil van die dag nam hij niet.

Tien dagen lang nam hij ritalin. Twee pillen per dag. In die tien dagen voerde hij enkele van zijn vele plannen eindelijk uit. Per direct zelfs. Een vervelend zakelijk gesprek dat hij al maanden had uitgesteld, werd gehouden. Een flinke huishoudelijke klus die hij al jaren voor zich uitschoof, werd uitgevoerd. En hij kon zich concentreren, schoot niet meer iedere zijweg in zijn hoofd in.

Focussen, noemde hij dat.

Voor alle duidelijkheid; voor M. is de diagnose ADD gesteld, een concentratiestoornis die sterk verwant is aan ADHD, maar dan zonder de wriemelende hyperactiviteit. Staat ADHD in de volksmond voor Alle Dagen Heel Druk, dan staat ADD voor Alle Dagen Dromen. Voor opdrachten die niet worden begrepen. Voor handelingen die nooit worden afgemaakt. Voor doelen die onderweg steevast uit het oog raken. Voor eindeloos veel zijwegen die worden ingeslagen. Voor gedachten en zinnen die nooit eindigen.

Maar na tien dagen stopte M. met zijn ritalinexperiment. Hij had last van hoofdpijn, trillende handen, hartkloppingen. Maar bovenal voelde hij zich niet zichzelf. Gejaagd. ‘Het is echt dope hoor’, zei hij. Hoewel de werkzame stof in ritalin, metylfenidaat, naar verluidt binnen vier uur is uitgewerkt, bleef hij nog anderhalve dag ‘bijdehand’.

Afgelopen week slikte onze tienjarige dochter Y. haar eerste ritalinpil. Daar hadden we nog veel langer tegen aan gehikt – en onze bedenkingen groeiden nog eens na het ritalinexperiment van M., haar vader. Maar we deden het toch. Waarom?

Vorig jaar kreeg Y., net als haar vader, de diagnose ADD. Daar ging een lang traject van ontkenning aan vooraf. In groep 2, Y. was toen vijf jaar, zeiden de juffen dat ze te jong voor haar leeftijd was. Daar moesten we wel om lachen. In groep 3 bleef ze zitten. Vonden we ook niet erg. Intussen zagen we op de zwem- en turnles dat Y. altijd achteraan de rij ging staan. Pas later zou ze ons vertellen dat al die instructies een grote soep in haar hoofd vormden, maar dat ze, als ze achteraan ging staan, bij de anderen kon afkijken wat ze moest doen.

In de herhaling van groep drie trok een oplettende meester snel aan de bel. Voor een zittenblijver liep Y. wel erg achter. Ook leek ze vaak niet op te letten en kreeg ze haar werk nooit af. Misschien was het dyslexie. Maar toen Y. vervolgens individuele dyslexiebegeleiding kreeg, was ze binnen de kortste keren de beste van de dyslexieleerlingen.

In groep 5 maakte een lieve juf zich zorgen. „Sommige kinderen zijn tevreden in hun eigen luchtballon, maar Y. is ongelukkig”, zei ze. Y., inmiddels 9 jaar oud, begon volgens eigen zeggen te voelen dat ze ‘anders’ was. En Y. wilde alles zijn – behalve anders.

We belandden bij een centrum voor kinder- en jeugdpsychiatrie, verbonden aan een academisch ziekenhuis. Zij stelden na onderzoek ADD vast. En boden in één adem door de oplossing: ritalin. Wij wilden daar eerst over nadenken. Want al was ik nooit een tegenstander van ritalin geweest, AD(H)D is immers een breindeficit dat je kunt verhelpen met medicijnen, nu het om mijn eigen kind ging, lagen de zaken toch anders.

Ik las artikelen, boeken, sprak deskundigen. En begreep dat AD(H)D een verzinsel van het medisch-industrieel complot is om meer pillen te verkopen; dat ritalin een drug is die op Amerikaanse campussen wordt verhandeld om betere resultaten te behalen; dat de feminisering van het onderwijs ervoor heeft gezorgd dat er voor drukke jongetjes geen plaats meer is; dat je AD(H)D eenvoudig kan voorkomen door de diagnose niet te stellen.

Ik sprak een collega wier dochter er gelukkig van was geworden, en een collega wier dochter er depressief van was geworden.

Daarnaast vertelde de arts dat je er hoofd- en buikpijn van kan krijgen en dat je er minder van gaat eten en later van gaat slapen. Op mijn vraag wat de lange termijneffecten zijn, kon ze geen antwoord geven, anders dan dat ‘het middel al vanaf de jaren zeventig wordt toegepast’. Maar nog niet op kinderen, en niet zo grootschalig, bracht ik daar tegen in.

Intussen drongen arts en juf op gebruik van ritalin door Y. aan – al was het maar „om te proberen”. Maar experimenteren met drugs op mijn eigen kind – dat vond ik wel weer ver gaan. Waren er geen alternatieven, zoals cognitieve gedragstherapieën? Nee, zeiden ze bij het centrum voor jeugd- en kinderpsychiatrie beslist. Voor ouders was er een oudergroep, voor tieners was er een pubergroep, maar voor mijn tienjarige Y. was er niets.

Sterker, zouden we haar geen pil geven, dan konden ze op het centrum niets voor ons doen. Dan moesten we het verder zelf uitzoeken. Daar keek ik, op z’n zachtst gezegd, van op.

Natuurlijk gingen wij naar de oudergroep. Daar zaten in totaal acht ouderparen; zes van hen hadden kinderen met ADHD, twee, onder wie wij, hadden een kind met ADD. En alleen wij gaven ons kind géén ritalin of andersoortig medicijn met methylfenidaat.

Intussen hoorde ik de verhalen van de andere ouders aan (‘P. heeft dit weekeinde de auto gewassen …. met hondenpoep’) en snapte heel goed dat zij ritalin gaven. Hun ADHD-kinderen ontwrichten niet alleen hun eigen leven, maar ook dat van hun ouders, broertjes en zusjes. Maar met ADD’ers is dat niet het geval. Daar heb je, zoals alle juffen van Y. steeds beamen, geen kind aan.

Bij een enkel kind in de oudergroep had ik wel mijn vraagtekens over het gebruik van ritalin. Van één kind was de vader onlangs uit huis gezet wegens huiselijk geweld. Nu was het kind zelf ook niet te houden. En was moeder ten einde raad. Mij leek het, (maar hé, wat weet ik ervan) dat moeder en kind beter af waren geweest met gezinsondersteunende hulp dan met een strip ritalin.

Ondertussen zagen wij ons voor een groot dilemma geplaatst. Eigenlijk wilden we onze dochter geen ritalin geven. Vooral niet omdat we ervan overtuigd zijn dat het goed komt. Y. wil later kunstenares worden, modeontwerpster, visagiste of stiliste (als het maar niets met grammatica en rekenen te maken heeft) en wij denken dat het haar gaat lukken.

Tegelijk moeten we ook vaststellen dat dat op een ‘natuurlijke’ manier niet zal gaan. Y. maakt braaf haar huiswerk, maar eenmaal op school kan ze zich niet concentreren en ligt haar tempo te laag. Daardoor heeft ze nooit haar werk en haar toets op tijd af en scoort ze dientengevolge altijd een 1. Niet alleen verliest ze de moed, ook stevent ze zo op het allerlaagste vmbo-niveau af. En hoewel Y. absoluut geen toekomstig gymnasiast is, menen juffen, meesters en wij dat er toch wel iets meer in zit.

Dus gaven we Y. afgelopen maandag haar eerste ritalin. Drie uur later belde het centrum voor jeugdpsychiatrie op. Of we haar al een pil hadden gegeven. En of we daar dan direct mee wilden stoppen, want gezien de ervaringen van haar vader met ritalin, enkele weken eerder, was het toch beter als we eerst een hartfilmpje van Y. lieten maken. Een hartfimpje?! Nou ja, dat was eigenlijk niet nodig, stelden ze ons nog gerust, maar je kon maar beter het zekere voor het onzekere nemen.

Voor alle duidelijkheid, ik waardeer zeer dat het centrum belde. Het betekent dat ze opletten en ons niet aan ons lot over laten. En Y.? Ach, dan slikte ze die pil toch niet, zei ze. Ze had er die ochtend toch niets van gemerkt. Maar toen ik ‘s middags met haar in de supermarkt was, liep ze pardoes tegen een pallet colaflessen op. „Zo gek mamma”, zei ze, „ik wil rechtuit lopen, maar ik ga schuin”. Om vervolgens de bocht te kort te nemen en tussen de lang houdbare melk te belanden.

„Het duurde maar twee minuten”, zei ze later, om mij gerust te stellen.

Ik ben niet voor ritalin. En niet tegen. Het geven van ritalin is een afweging die iedere ouder, in samenspraak met artsen, zelf moet maken. Maar ik ben wel vóór gedegen onderzoek naar de korte – en vooral lange termijn-effecten. En vóór gedegen onderzoek naar alternatieven. Zeker nu het middel door zo veel mensen, kinderen incluis, wordt gebruikt.

Want experimenteren met ritalin, dat laat ik graag aan Arie Boomsma en zijn vrienden over.

Yaël Vinckx is journalist.

Bron: NRC

Disclaimer deze publicatie bevat informatie, beeldmateriaal of professioneel geschreven artikelen uit externe bronnen die kunnen zijn vertaald, aangepast, uitgebreid, voorzien van links, foto's en videos, met als doel het onderwerp - soms vanuit een ander (beoogd duidelijker) perspectief - bespreekbaar te stellen.
 

Mogelijk interessante boeken

ADHD-medicatie The Ritalin Fact Book Afwijkend En Toch Zo Gewoon Morgen ben ik een leeuw
 

Dr. Laura Batstra

Dr. Laura Batstra (blog) heeft ontslag genomen bij een GGZ-instelling uit afkeer tegen ADHD-screenen op scholen. Dr. Laura Batstra is auteur van het boek “Hoe voorkom je ADHD? Door de diagnose niet te stellen!” en stelt dat ADHD geen hersenziekte is en dat het daarom onverantwoord is om de hersenen van kinderen te behandelen.


Stop ADHD screening
Petitie tegen medicalisering jeugd

Terwijl de Tweede Kamer er alles aan doet om de ADHD epidemie in Nederland aan banden te krijgen start de psychiatrie onderwijl initiatieven om kinderen in een vroeger stadium te diagnosticeren met ADHD. In Ede is bijvoorbeeld een psychiatrisch screening programma gestart op peuterspeelzalen.

is een petitie gestart gericht aan politici. Teken de petitie en nodig anderen uit om te tekenen!



"Hoogleraren roepen in kranten dat ADHD wetenschappelijke fraude is"
Knack.be (700.000 lezers)

Meta

Statistieken

Bezoekers (details)


Stichting PVP, vertrouwenspersonen in de zorg
0900 444 8888 (10 cent/pm)
helpdesk@pvp.nl
MindFreedom International (MFI) Nederlands Comite voor de Rechten van de Mens (NCRM) International Association Against Psychiatric Assault (IAAPA)
Emil Ratelband - Geef je kind geen pillen maar een Seminar!