Zielenknijper.nl

Een kritische kijk op de praktijk van de psychiatrie!
Schade door psychiatrische medicijnen?
Gratis juridische hulp: 0800-4445005
 
 
Stand.nl NCRV

“Psychiatrie is een malversatie en moet beëindigd worden“

Update: De psychiatrie houdt zich al 7 jaar stil

Psychiater: Opgegeven patiënten zijn vaak chronisch ziek geworden door behandeling

Datum: 7 januari 2009, 19:37

Door Jan Halkes

‘Chroniciteit gevolg van kwalijk handelen’

Misschien kun je het wel de ‘vergeten groep’ binnen de psychiatrie noemen: de langverblijfpatiënten, de chronisch psychotische patiënten die onvoldoende op medicijnen reageren. Op symposia en in de literatuur gaat de aandacht vooral uit naar de jongeren, dat zijn immers patiënten van wie nog gehoopt kan worden dat een betere opvang en begeleiding tot resultaten leidt.

Langverblijfpatiënten behoren tot de groep die afgeschreven is. De langverblijfafdelingen vormen de rusthuizen van de psychiatrie. Maar niet in de ogen van psychiater Detlef Petry. Wanneer chronische patiënten zijn verworden tot kamerplanten, mensen die tot niets meer komen en ook niets meer doen, dan is dat de schuld van de psychiatrie en niet van de patiënt of zijn ziekte, zo betoogt hij in zijn boek ‘De Ontmaskering’.

                                    Detlef Petry

Petry vindt de situatie ronduit ergerlijk: “Psychiaters in opleiding zullen zelden of nooit voor een stage op de langverblijfafdeling kiezen”, zegt hij. “Ze denken dat hier niks te leren valt. Maar het tegendeel is waar. Hier zie je wat er gebeurt met patiënten die eerder niet goed opgevangen en behandeld zijn. Een stage op de langverblijfafdeling, zou juist een verplicht onderdeel van de opleiding moeten zijn, voor zowel verpleegkundigen als psychiaters.” Dat wil zeggen: zolang die langverblijfafdelingen nog bestaan. Want als het aan Detlef ligt, zullen ze langzaam overbodig worden. Het is hem op zijn eigen afdeling in PMS Vijverdal inmiddels gelukt driekwart van de oorspronkelijk 350 patiënten zover te laten herstellen dat ze de afdeling hebben kunnen inruilen voor een begeleid-wonen of andere opvang buiten het ziekenhuis. Niet dat dat makkelijk is gegaan en zeker niet snel. De ontmaskering is de neerslag van de periode van twintig jaar dat Detlef nu op Vijverdal werkt. “Langzaamheid”, zo schrijft hij -samen met Marius Nuy- is een kernbegrip. Een eindeloos geduld, aansluiten bij het tempo van de patiënt zelf, is absolute voorwaarde om verder te komen. Geduld wil ook zeggen: de moed niet opgeven, alert blijven op alle openingen die de patiënt zelf biedt om tot verbetering te komen.

‘De ontmaskering’ gaat over rehabilitatie, het begrip dat in andere boeken maar zo mondjesmaat aan bod komt. Die andere boeken richten zich tot nieuwe, ‘beginnende’ patiënten en dan past het kennelijk nog niet om aan rehabilitatie denken. Ongeveer twintig procent van de patiënten zal geen rehabilitatie nodig hebben; ze nemen hun medicijnen en klaar. Zestig procent heeft medicijnen nodig plus een of andere vorm van begeleiding – rehabilitatie. Bij de resterende twintig procent slaan de medicijnen niet aan, zij komen in langverblijfafdelingen terecht. Zij zijn zogenaamd ‘uitbehandeld’, alles is geprobeerd, niets lukte, het kamerplant-bestaan is wat overblijft.

In de ogen van Petry betekent ‘uitbehandeld zijn’ slechts dat de behandelaar de moed heeft opgegeven, ja, dat hij zijn plicht verzaakt. Een chronisch psychotische patiënt is in Petry’s visie zo ernstig van zichzelf vervreemd dat eerst die vervreemding moet worden worden weggenomen. Petry gebruikt het woord vervreemding niet, maar spreekt over de eigen tijd enruimte van de patiënt, die niet afgewezen mag worden. De patiënt moet weer zelfvertrouwen krijgen en moet het leven weer als een uitdaging gaan zien. Herman Peters vatte deze rehabilitatie-methode ooit als volgt samen:

  1. Doe gewoon
  2. Accepteer de patiënt
  3. Wees voorzichtig met ‘gereedschap’
  4. Toon enig optimisme
  5. Oefen veel geduld
  6. Benut crisissituaties
  7. Wees bescheiden

Rehistoriseren

Het nieuwe element dat Petry aan dit lijstje toevoegt is het ‘rehistoriseren’ of het ‘biografisch ontwikkelingsdenken’, een begrip dat door Douglas Bennett is ontwikkeld. Petry legt uit dat de chronische patiënt als het ware is afgesneden van zijn eigen geschiedenis. De psychose heeft alles wat hem of haar tot een persoon van betekenis maakte, vervreemd, afgenomen of op zijn kop gezet. Wat je moet doen, zegt Petry, is de patiënt helpen die oude persoon weer terug te vinden. ‘Rehistoriseren’ is bijvoorbeeld met de patiënt teruggaan naar de plek waar de eerste psychose begon en dan terugdenken aan die eerste psychose en proberen er een verklaring voor te vinden. De biografie van de patiënt moet als het ware herschreven worden. Dat betekent in essentie: de psychose serieus nemen.

Het voorbeeld dat Petry geeft is dat van zijn patiënt Bert Boers die denkt dat God wil dat hij pater wordt. Petry ging met hem naar de abt van een klooster om over deze roeping te praten. Patiënt en abt kwamen samen tot de conclusie dat Gods bedoelingen anders moesten zijn. Op die manier kreeg de patiënt weer greep op zichzelf, kwam hij met zijn beide benen weer op de grond terecht en kreeg hij weer oog voor de werkelijkheid.

Het verhaal doet mij denken aan de theorie van de Engelse professor Max Birchwood die aangeeft dat waanideeën in wezen voortkomen uit de verklaringen die patiënten bedenken voor hun psychotische hallucinaties. Het wegnemen van de hallucinatie alleen (met medicijnen) is niet voldoende, de patiënt moet ook in staat worden gesteld de oude, verkeerde verklaringen te vervangen door nieuwe inzichten, door een nieuwe visie op zichzelf en zijn omgeving. Birchwoord komt tot dezelfde conclusies: geduld oefenen, de patiënt zelfvertrouwen laten krijgen, jezelf opstellen – niet als psychiater maar als vertrouweling, beginnen met praktische oplossingen voor praktische problemen, daarna pas de meer therapeutische gesprekken.

Betekenis

Petry wijst er terecht op dat bij het rehistoriseren een goede band met de familie van de patiënt essentieel is. De familie beschikt over de kennis die nodig is om de psychotische ervaringen van de patiënt in perspectief te zien. “Een psychose (…) heeft ook altijd betekenis en die kan men niet zomaar wegnemen. Wanneer men de psychose en zijn betekenis een plaats kan geven in de biografie, in het beloop van iemands leven,dan wordt deze voor de persoon zelf en voor zijn ouders heel wat draaglijker.”

Was het tot nu toe zo dat de familie moest leren een patiënt te accepteren, emoties onder controle te houden enzovoorts – Petry geeft aan dat in het herstelproces patiënt én familie gelijkwaardig zijn. Het welslagen van de rehabilitatie is voor beide partijen even belangrijk, en zonder de medewerking van een van beiden niet goed mogelijk. De derde partij, de behandelend psychiater of verpleegkundige, speelt daarbij een vooral bescheiden maar daardoor niet minder essentiele rol.

Opvattingen over rehabilitatie zijn grofweg in twee stromingen te verdelen, een Amerikaanse waarvan Liberman met zijn methode de bekendste vertegenwoordiger is en een Engelse stroming, met namen als Douglas Bennett, Geoff Shepherd en ook Detlef Petry. In de eerste stroming wordt met rehabilitatie vooral ‘revalidatie’ bedoeld, de patiënt moet vaardigheden leren om met zijn handicap om te kunnen gaan. De tweede stroming vindt dat rehabilitatie méér moet zijn dan alleen revalidatie: de patiënt moet ook aandacht krijgen voor wat hij of zij het belangrijkste vindt: de inhoud van de psychose, de zin van het leven, de mogelijkheden die er nog wél zijn om er wat van te maken. De rehabilitatiemethode zoals Petry en Nuy die beschrijven, is volgens hen in staat ook die twintig procent aan patiënten een menswaardig bestaan te bieden, die nu nog voor zich uit zit te staren in de langverblijfafdelingen. Het staren zal verdwijnen, de mensen zullen weer een normale gelaatsuitdrukking krijgen. Vandaar ook de titel van het boek: ‘de ontmaskering’.

Op de achtergrond van deze discussie over rehabilitatie speelt een meer algemene discussie tussen de biologische psychiatrie aan de ene en de sociaal psychiatrie aan de andere kant. “De biologische psychiatrie houdt zich bezig met erfelijkheidsstoornissen en het functioneren van de hersenen”, schrijven Petry en Nuy. “Biologisch geïnspireerde psychiaters zijn zelf zeer optimistisch over het vinden van een biologisch substraat (een biologische stof als veroorzaker, JH) van psychiatrische ziektebeelden, die ze dan ook zullen kunnen genezen. Sociaal-psychiaters delen dit optimisme niet, velen geloven er zelfs niet in. Psychiatrische problemen zijn niet alleen te behandelen met farmacotherapie (pillen, JH), het is een hulpmiddel. Tégen medicatie zijn is onzinnig, want er is een groot aantal patiënten dat dankzij deze medicatie na redelijke tijd geneest en weer terug kan naar de oorspronkelijke omgeving. Minstens de helft geneest echter niet, maar heeft blijvend een handicap. (…) Kortom, het eigen empowerment (de greep op zichzelf, JH) komt (…) niet van de grond. Al deze omstandigheden leiden tot ondraaglijke stress, bij velen tot uitstoting en tot een verslechtering van het ziekteproces, maken het grilliger, triester, pijnlijker. En precies deze gevolgen zijn het onderwerp van rehabiliterend werken.

Puin ruimen

In de praktijk lijkt er een soort stilzwijgende taakverdeling ontstaan te zijn: de biologische psychiaters werpen zich op de jonge, beginnende patiënten, de sociaal psychiaters doen het met de moeilijker te behandelen restgroep. ‘De ontmaskering’wil deze ‘taakverdaling’ aan de kaak stellen. Het komt er immers op neer dat de sociaal psychiaters het puin moeten ruimen van de biologische psychiaters. Patiënten worden chronisch – zo betogen Petry en Nuy – doordat ze te klinisch behandeld worden, doordat behandelaars geen oog hebben voor hun vervreemding, hun patiënten emotioneel in de kou laten staan.

Max Birchwood wees er ook al op: het serieus ingaan op de wanen van een patiënt moet het principiële uitgangspunt van elke behandeling zijn. Uit onderzoek van Birchwood blijkt dat persoonlijke aandacht en opvang, in de eerste twee jaar na de eerste psychose bepalend zijn voor de vraag of de patiënt terugvalt in volgende psychoses, draaideurpatiënt wordt, een eind aan zijn leven maakt of volledig herstelt.

Op de langverblijfafdeling van Vijverdal krijgt het woord ‘rehabilitatie’ daadwerkelijk de betekenis van ‘eerherstel’. De eer van de patiënt is in een eerder stadium aangerand, bezoedeld, beledigd. Door stemmen of andere hallucinaties wellicht, maar ook door een maatschappij die deze mensen als tweederangs burgers behandelt en door psychiaters die alleen maar pillen hebben voorgeschreven. In de langverblijfafdelingen moeten die patiënten in hun eer worden hersteld die jaren daarvoor in een opname-afdeling van diezelfde eer zijn beroofd. Een karikatuur? Was het maar waar. Misschien een ideetje voor minister Borst: laat de psychiater van wie een patiënt in de langverblijfzorg terecht is gekomen, meebetalen aan de rehabilitatie van zijn voormalige patiënt.

Het boek van Petry en Nuy legt de vinger op de zere plek. Jammer is alleen dat het boek zo wollig geschreven is. Verschillende passages geven aanleiding tot misverstand, zoals die over de ‘terugtrekkende helden van de psychiatrie’. Het is een boek voor collega-psychiaters en voor lezers die ook de werken gelezen hebben waar Petry en Nuy naar verwijzen. Belangrijk is dat hun theorie wordt onderbouwd met onderzoeksresultaten, het verslag van de vele gevallen die dankzij de opvang in Vijverdal de weg terug naar de maatschappij weer gevonden hebben. Petry is daar al druk mee bezig.

De langverblijfafdeling van Detlef Petry in het Maastrichtse Vijverdal won de Kwaliteitsprijs Schizofrenie in 1994. Detlef Petry & Marius Nuy: ‘De ontmaskering, de terugkeer van het eigen gelaat van mensen met chronisch psychische beperkingen’, BV Uitgeverij SWP, Utrecht, 1997. ISBN 90 6665 235 7

Bron: Ypsilon Nieuws
 
  • dikke harry

    ach in een tijd van bezuinigingen in de ziels zorg wordt kwalititeit , kwantietijd , amzalige toestanden krijgt men in ggz en ribw instellingen
    waar groepen patienten samen wonen .bv goedkopere medicatie , en levens onderhoud ,jammer.

  • Toon Walravens

    Ik heb enorme bewondering voor Detlev Petry. Hij legt daar de vinger op waar het om gaat. Rehabilitatie en Herstelondersteunde zorg zijn juist voor de mensen die Petry beschrijft. Een vergeten groep, niet alleen in Nederland maar in heel Europa en de wereld. In mijn werkzaamheden voor de Raad van Europa komt dit gegeven voor mij ook steeds meer bovendrijven. Langdurige intensieve forensische zorg. We hebben re maken met mensen die stil zijn komen vallen/ zitten door systemen en uitvoerenden in de systemen. Rehabilitatie recht doen aan kwaliteit van leven en ook zo ingezet worden. Rehistoriseren klinkt al meteen anders. Alert blijven op de openingen die de patiënt zelf bied. Aan de ene kant word ik erg blij met dit geschreven stuk, anderzijds bekruipt me een stukje verdriet en schaamte, want ik herken namelijk wat Detlev en andere benoemen.

Mogelijk interessante boeken

Afscheid van autisme en ADHD Slikken Haal je een moederband niet meer in? Uw brein als medicijn
 

Netwerk: Weg met TBS?

Het merendeel van de gezaghebbende tbs-advocaten uit Nederland raden hun cliënten af om mee te werken aan een tbs-onderzoek. De advocaten hekelen de onrechtvaardige aard van TBS, de willekeur door psychiaters en de discriminatie op basis van wetenschappelijk ondeugdelijke diagnoses.

Labels

Links

Meta

Statistieken

Bezoekers (details)


Stichting PVP, vertrouwenspersonen in de zorg
0900 444 8888 (10 cent/pm)
helpdesk@pvp.nl
MindFreedom International (MFI) Nederlands Comite voor de Rechten van de Mens (NCRM) International Association Against Psychiatric Assault (IAAPA)
Emil Ratelband - Geef je kind geen pillen maar een Seminar!